Gebruikerslogin

Geschiedenis

 Eén van de oprichters, Arthur Hegger, vertelt:

Vanaf de jaren zeventig is er een hernieuwde bezinning op de vragen rond geloof en behandeling op gang gekomen. Het Christelijk Studiecentrum (ICS) met haar studiekringen speelde daar een belangrijke rol in. Eind jaren ’70 organiseerde de SOEH (Stichting Ontwikkeling Evangelische Hulpverlening) jaarlijks congressen. Dit waren grote congressen waar soms tot 400 mensen kwamen, pastoraal werkers, psychologen, psychiaters en studenten. Er werden buitenlandse sprekers uitgenodigd. We vonden daar veel herkenning. In die tijd waren christelijke hulpverleners nauwelijks georganiseerd in het denken over de vraag hoe geloof en hulpverlening zich verhouden. Daar konden we wat doen met onze gedachten, konden we onze ideeën uitdiepen en er met elkaar op reflecteren. Met 4 andere studenten van de ICS deden we een afstudeeronderzoek onder christelijke psychiaters en psychologen, met de vraag: ‘wat betekent het dat je christen bent?’

Maar de SOEH leed in die tijd onder een interne tweestrijd. Er was een groep mensen die Jay Adams volgde in de opvatting dat de bijbel voor een hulpverlener genoeg is, de psychologie werd overbodig gevonden. Het ging om ‘de vernieuwing van het denken’. Aan de andere kant stonden de mensen die de hulpverlening meer wetenschappelijk wilden benaderen, die de ‘bijbelse psychologie’ te weinig gedefinieerd vonden maar wel ruimte wilden geven aan de geloofsbeleving. De kritiek hierop was dat het wetenschappelijk model de religie wilde verklaren maar daarmee de sceptische, kritische buitenstaander bleef. Dit deed geen recht aan de authenticiteit van bijvoorbeeld religieuze ervaringen. Aan deze tweestrijd ging de SOEH uiteindelijk ten onder. In die tijd begonnen zich nieuwe christelijke instellingen te ontwikkelen. Het huidige STAGG van de Nederlands Gereformeerde Kerken was een van de eersten. Daarna volgden de voorlopers van wat nu Eleos is.

Op 23 september 1989, de 50esterfdag van Freud, legden na twee jaar voorbereiding Corrie Kraëmer-Terlouw, Rens Filius, Gerrit Glas, Piet van Roest en Arthur Hegger het idee van de CVPPP aan potentiële leden voor. Dat leidde tot de oprichting van de Christelijke Vereniging voor Psychiaters, Psychologen en Psychotherapeuten (CVPPP). Rens Filius werd de eerste voorzitter. In september 1990 kwam het eerste nummer van Psyche & Geloofuit. Overigens vind je binnen de CVPPP nog steeds de eerder genoemde tweeslag terug: wetenschappelijk denken versus de meer pastorale, bijbelse psychologie.

Bij de oprichting is de nadruk gelegd op het wetenschappelijke en professionele gehalte van de vereniging. Er is over gesproken om nog twee ‘p’s’ aan het rijtje toe te voegen. De ene ‘p’ was voor de ‘pedagogen’, maar die hadden in die tijd een eigen vereniging. Een bezwaar was dat met hen ook een grote groep HBO-ers zou binnen komen, waardoor het wetenschappelijk gehalte onder druk zou komen te staan. De tweede ‘p’ gold het pastoraat. Omdat pastores buiten de structuur en beroepsethiek van de GGZ vielen en dat het vakgebied onderscheidend van het pastoraat is, hebben we hen niet opgenomen.

Na de oprichting startten de studiekringen. Daarin zetten we voort wat bij het Christelijk Studiecentrum begonnen was. Daarnaast werden jaarlijks congressen georganiseerd. In 1994 vond het eerste internationale congres plaats: Psyche and Faith: Beyond Professionalism. Dat was inhoudelijk een belangrijke mijlpaal. De CVPPP kreeg contact met mensen uit diverse landen in Europa en uit de VS. Na het tweede internationale congres van de CVPPP in 1998 Psyche and Faith: Divine Realities and Therapeutic Relationshipsverdiepten deze contacten zich. In die tijd is wel overwogen om de CVPPP tot een Europees initiatief uit de bouwen. Daar was toen te weinig draagvlak voor. Bovendien begonnen allerlei bewegingen vanuit diverse achtergronden zich organiseren. Het idee dat de CVPPP zich buiten het Nederlandse taalveld dient te begeven door intensievere samenwerking met buitenlandse zusterorganisaties, leeft nog altijd.

Al gauw kwamen van mensen die hulp zochten, verzoeken om een verwijslijst. Een van de moeilijkheden die het bestuur had, was dat geen enkele garantie voor en toetsing van de kwaliteit van de leden gegeven kon worden. De CVPPP is geen specialistische vereniging, maar een studievereniging. Toch is het bestuur er wel toe overgegaan om een verwijslijst samen te stellen, al wilden we geen garanties geven. De verwijslijst is het meest bezochte deel geworden van de website van de CVPPP.

Na een jaar of drie, vier begon het bestuur zich te vernieuwen. Vanaf 1998 vond er een stabilisatie plaats. Er kwam geen derde internationaal congres. Sinds die tijd hebben er diverse besturen de vereniging geleid. De voorzitters sinds de oprichting waren respectievelijk:

  1. Rens Filius (1989 – 1995),

  2. Michiel de Ronde (1995 – 1998),

  3. Wil Doornenbal (1998 – 2001),

  4. Ad Molenaar (2001 – 2003),

  5. Wim de Vries (2003 – 2007),

  6. Anja Vrijmoet (2007 – 2008),

  7. Ewoud de Jong (2008 – nu ).

Het goed is geweest dat diverse leden hun inbreng gehad hebben bij de vorming van de vereniging. In Nederland is er genoeg potentieel om het denken over geloof en hulpverlening verder te ontwikkelen. Wie weet wat de toekomst brengt; het lijkt erop dat er de laatste jaren weer nieuw elan in de CVPPP is gekomen.