Gebruikerslogin

Psyche & Geloof 18, 2007 - 1-2

Titel: ‘Dus niets is onschuldig … En niemand?’ (p. 3-13)
Auteur(s): Harskamp, A.
De auteur stelt dat in de hedendaagse westerse cultuur een verandering in de christelijke geloofsbeleving heeft plaatsgevonden. Hierbij valt op dat in de beleving van vele gelovigen begrippen als zonde en zondebesef niet meer de vitale plek innemen van weleer. Van Harskamp gaat in op de vraag hoe deze verandering in de beleving van religiositeit te duiden is en bespreekt daarbij drie belangrijke tendensen in onze huidige samenleving: individualisering, vervaging van het godsbeeld en de opkomst van spiritualiteit. Vervolgens bespreekt hij de vraag hoe we het verdwijnen van het zondebesef kunnen waarderen. Is er wat gewonnen, en vooral: is er wat verloren?
‘So nothing is innocent … And nobody?’ In this article the author discusses the change in (Christian) religiosity which has taken place in contemporary Western society. In the experience of many believers there is hardly any space left for concepts such as sin and awareness of sin. Van Harskamp addresses the question how to interpret this change in religious experience and discusses three important current tendencies: individualisation, fading of the concept of a personal God and the rise of spirituality. Then he addresses the question how to evaluate the disappearance of the awareness of sin. What is being gained, but especially: is something lost?
religiositeit, (erf)zonde, zondebesef, Augustinus,
Titel: Zonde, Narcisme en het Woord (p. 14-31)
Auteur(s): Ettema, J.H.M.
Kunnen zonde of zondegevoel worden begrepen als vormen van narcisme? Worden begrippen als zonde en schuldbesef in onze huidige cultuur vervangen door schaamte over het eigen tekort? Dergelijke vragen met psychologische en pastorale implicaties zijn het startpunt om de verschillende betekenissen van het begrip narcisme te onderzoeken, de hiermee samenhangende psychologische en filosofische mensopvattingen te expliciteren en de wisselwerking tussen het christelijk zondebegrip en onze culturele geschiedenis aan de orde te stellen. Het subjectbegrip van de zelfpsychologie wordt gekritiseerd omdat dit geen ruimte biedt aan de fundamentele ontdekkingen van de psychoanalyse met betrekking tot het onbewuste. In samenhang hiermee biedt het perspectief van de zelfpsychologie evenmin plaats aan het anders zijn van de Ander en aan de voor het geloof fundamentele bekentenis van schuld.
Sin, Narcissism and the Word May sin or awareness of sin be considered as forms of narcissism? Are such concepts as sin, and sense of guilt, to be substituted by sense of shame about one’s own failing? Those questions, with implications for psychological and pastoral care, are the starting point for analysing the different meanings of the concept of narcissism, to make more explicit the connected fundamental psychological and philosophical conceptions of man and to question the interplay between the Christian notion of sin and our cultural history. The notion of ‘subject’ inside the so-called selfpsychology is criticised, as it does not give free reins to the basic understandings of psychoanalysis concerning the unconscious. Likewise and as a consequence, no place is offered for the foreignness of the Other and the confession of guilt, which is fundamental for believing.
narcisme, depressie, schuld, zelf, zonde,
Titel: Geen raad met het kwaad (p. 32-40)
Auteur(s): Schaafsma, P.
Het is niet gemakkelijk hedendaagse doordenkingen van het kwaad op één noemer te brengen. Voor- en tegenstanders van het gebruik van de notie analyseren de huidige omgang met het kwaad op verschillende wijze. Voorstanders grijpen daarbij vaak terug op grote religieuze verhalen, terwijl tegenstanders juist wijzen op de problematische kanten hiervan. In dit artikel wordt deze diffuse situatie als aanleiding genomen om verschillende betekenissen van het zelfstandige begrip ‘het kwaad’ systematisch te verkennen. Daartoe wordt onderscheid gemaakt tussen een ethische en een tragische wijze van denken over het kwaad. Dit ideaaltypische onderscheid is afgeleid van Paul Ricoeurs wijsgerige onderzoek van grote westerse symbolen van het kwaad in zijn boek ‘La symbolique du mal’. Uit dit onderzoek blijkt dat het dubbelzinnige samengaan van ethische en tragische denkwijzen kenmerkend is voor het spreken over het kwaad. Een analyse van de notie van het kwaad in een religieuze context brengt vervolgens nog een diepere betekenislaag aan het licht. Tot slot worden deze analyses ingezet om een beter begrip te krijgen van de omgang met het kwaad in onze tijd.
At a Loss for Evil It is not easy to lump together present-day views of evil. Advocates and opponents of the use of this notion give a different analysis of how people currently deal with evil. Advocates often fall back on great religious narratives, whereas opponents point out the problematic side of this move. In this article this diffuse situation is taken as a reason to systematically explore different meanings of the term ‘evil’ in its substantive use. For that purpose a distinction is drawn between an ethical and a tragic way of thinking about evil. This distinction of ideal types of thinking is derived from Paul Ricoeur’s philosophical inquiry into great western symbols of evil in his book The Symbolism of Evil. This inquiry shows the ambiguous going together of ethical and tragic ways of thinking to be characteristic of speaking of evil. Subsequently, an analysis of the notion of evil in a religious context brings to light another, deeper level of meaning. In conclusion, these analyses are used to gain a better understanding of present ways of dealing with evil.
religie, het kwaad, ethisch, tragisch, dubbelzinnigheid,
Titel: De introductie der godsdienstpsychologie in Nederland: Ontwikkelingen onder vrijzinnigen (p.58-85)
Auteur(s): Belzen, J.A. van
Dit artikel gaat over de bijdrage van vrijzinnige protestanten aan de godsdienstpsychologie in Nederland in de twintigste eeuw. Het gaat specifiek over het werk van de theologen en psychologen De Graaf (de eerste auteur op het gebied van de godsdienstpsychologie in Nederland en de eerste die een introductie op dit terrein in het Nederlands schreef) en van Mourik Broekman (die zich inspande voor een combinatie van de godsdienstpsychologie en de parapsychologie). De infrastructuur die de vrijzinnigen ontwikkelden ten behoeve van de godsdienstpsychologische discipline wordt belicht. Deze infrastructuur is tot op de dag van vandaag gedeeltelijk intact gebleven.
The Introduction of the Psychology of Religion in the Netherlands. Developments among liberal Protestants This article deals with some contributions to the psychology of religion by Dutch liberal protestants in the 20th century. It deals especially with the work of the theologians and psychologists De Graaf and Van Mourik Broekman. (De Graaf wrote the first article in Dutch on the psychology of religion and the first to publish an introduction to the field in Dutch; Van Mourik Broekman strived for a combination of psychology of religion and parapsychology.) Attention is given to infrastructure developed by liberals on behalf of the discipline in the Netherlands, infrastructure that in part functions until the present day.
godsdienstpsychologie, geschiedenis, vrijzinnig protestantisme,
Titel: The Challenge of Psychotherapy for Religion and Spirituality (p. 86-95)
Auteur(s): Utsch, M.
Although early psychoanalysis was suspicious on religious belief, a growing interest in spirituality can be found in nowadays psychotherapies. The increase in volume and quality of scientific research in the psychology of religion is remarkable. This article reflects on this tendency. It is stated that psychotherapy cannot have claims on religious truths. But nevertheless psychotherapy and religion can have overlapping concerns and can be differentiated from one another. Some remarks are made on the integration and exclusion of spiritual interventions in psychotherapy.
The Challenge of Psychotherapy for Religion and Spirituality Although early psychoanalysis was suspicious on religious belief, a growing interest in spirituality can be found in nowadays psychotherapies. The increase in volume and quality of scientific research in the psychology of religion is remarkable. This article reflects on this tendency. It is stated that psychotherapy cannot have claims on religious truths. But nevertheless psychotherapy and religion can have overlapping concerns and can be differentiated from one another. Some remarks are made on the integration or exclusion of spiritual interventions in psychotherapy.
Psychotherapy, Psychology of Religion, Spirituality,
Titel: Geestelijke verzorging: Een dyadisch georiënteerde professie op het domein van de spirituele gezondheid (p. 96-113)
Auteur(s): Smeets, W.
In dit artikel worden de resultaten gepresenteerd van een empirisch-theologisch onderzoek onder geestelijk verzorgers in Nederlandse zorginstellingen naar diverse aspecten van hun werk. Geestelijk verzorgers blijken ontwikkelingen in de gezondheidszorg – met name de kwaliteitszorg – hoofdzakelijk relevant te vinden voor zover het de interactie met cliënten betreft. Zij vinden dat levensbeschouwing kan bijdragen aan de gezondheid van cliënten. Inzake hun eigen levensbeschouwing zijn zij minder georiënteerd op de sociaal-institutionele context en meer op de traditie(s). Zij pleiten voor integratie in de gezondheidszorg, maar tegelijkertijd voor de waarde van hun ambt. Uit het onderzoek komt een aantal uitdagingen naar voren voor de toekomst van het beroep.
Hospital Chaplaincy: a dyadic-oriented Profession in the Domain of Spiritual Health This article presents the results of an empiricaltheological research among spiritual caregivers in Dutch health care institutions, concerning several aspects of their work. Spiritual caregivers consider the quality assurance especially relevant in interaction with clients. They stress the ‘usefulness’ of world view for the client’s health. Their personal world view is less social-institutional oriented, but rather traditional. They opt for integration of spiritual care in health care, but at the same time they opt for their ministry. The research demonstrates some challenges for the future of spiritual care.
geestelijke verzorging, kwaliteitszorg, levensbeschouwing, legitimiteit, ambt,